De straat legitimeren: de Emoves-strategie
Decennialang werden ‘stedelijke kunstvormen’ – hiphop, breaking, spoken word, graffiti – grotendeels beschouwd als jeugdwerk of maatschappelijke interventies. Ze kregen subsidie om ‘jongeren van de straat te houden’, niet om kunst van hoog niveau te produceren. Bij Emoves draaien we dat om.
Onze strategie beschouwt stedelijke disciplines niet als „straatcultuur“, maar als volwaardige kunstvormen van hoog niveau die dezelfde nauwkeurigheid, financiering en talentontwikkelingsprogramma’s vereisen als klassiek ballet of opera.
De driepijlerstrategie
1. Rechtsgeldigheid (de „Software”)
We werken samen met kunstfondsen om ervoor te zorgen dat de subsidiecriteria recht doen aan de unieke creatieve processen van stedelijke makers. Stedelijke kunst volgt vaak niet het lineaire theatermodel van „concept -> repetitie -> première“; het is iteratief, gebaseerd op cypher en beproefd in de praktijk. De financieringsmodellen moeten zich aanpassen aan de kunst, en niet andersom.
2. Professionalisering (de „hardware”)
De talentontwikkeling in Brabant was van oudsher gericht op traditionele academies. Wij bouwen nu aan alternatieve trajecten. We creëren ‘makerspaces’ waar een autodidactische danser toegang krijgt tot dezelfde begeleiding en productiesteun als iemand die aan een conservatorium is afgestudeerd. Dit overbrugt de kloof tussen het ‘ruwe’ talent van de straat en de ‘afgewerkte’ eisen van het subsidiesysteem.
3. Infrastructuur (het "besturingssysteem")
Het gaat er niet om de straat te temmen; het gaat erom de straat de infrastructuur te geven die ze verdient. Door stedelijke kunst en sport te integreren in de regionale visie van Brainport, zorgen we ervoor dat de culturele ‘longen’ van de stad, naarmate deze groeit, niet worden dichtgebouwd, maar juist worden geïntegreerd in het stedelijk weefsel.
De toekomst van de Nederlandse cultuur ligt in de stad. Het is onze taak om het podium te bouwen.
